Terug

Coarctatio aortae

Een coarctatio aortae, of kort gezegd coarctatie, is een vernauwing van de aorta. Het is een aangeboren hartafwijking, die we in twee verschillende vormen kennen: de coarctatie bij pasgeborenen en de coarctatie bij jonge kinderen.

Coarctatio aortae en het WKZ

Onze chirurgen zijn zeer bekwaam in de correctie van de coarctatie, met goede resultaten. Voor hele kleine baby's, die nog niet geopereerd kunnen worden, kunnen we tegenwoordig met een hartkatheterisatie een stent plaatsen.

Wat is een coarctatio aortae?

Een coarctatio aortae (kort gezegd coarctatie) is een vernauwing van de aorta (de grote lichaamsslagader), na de bocht en in de buurt van de aftakking van de linker armslagader. Dit is vlakbij de plaats waar de verbinding tussen de longslagader en de lichaamsslagader (de ductus ) in de aorta uitkwam voor de geboorte.

Er zijn twee verschillende vormen van een coarctatio aortae:

1. Coarctatie bij pasgeborenen, ductusafhankelijk (type 1)

Direct na de geboorte is de ductus nog wijd open en lijkt er niets aan de hand te zijn. Dit duurt meestal een aantal dagen. Daarna gaat de ductus automatisch dicht. Bij een coarctatie bij pasgeborenen ontstaan de problemen als de ductus wordt afgesloten. De vernauwing sluit de aorta dan bijna helemaal af. Hierdoor kan het hart niet meer voldoende bloed rondpompen door het lichaam en worden afvalstoffen niet verwijderd uit het bloed. Dit is erg gevaarlijk voor de baby.

2. Coarctatie bij jonge kinderen, niet-ductusafhankelijk (type 2)

Een coarctatie bij jonge kinderen (type 2) is een lichte vorm van een een coarctatio aortae. In dit geval is er sprake van een vernauwing van de aorta op de plek tegenover de ductus. De linkerhartkamer moet meer druk geven om het bloed voorbij de vernauwing te kunnen persen. Door de hoge druk zoekt het bloed andere wegen om voorbij de vernauwing te komen. Allerlei kleine bloedvaatjes gaan overmatig groeien om als wegomlegging rond de vernauwing te kunnen functioneren. Deze vorm van coarctatie geeft vaak weinig klachten en wordt soms pas op latere leeftijd ontdekt. Het kan wel tot ernstige problemen leiden, zoals hersenbloedingen, verslechtering van de hartfunctie en eventueel zelfs tot een hartinfarct.

Verschijnselen coarctatio aortae

Verschijnselen bij pasgeborenen

Door de ernstige vernauwing (type 1) krijgen de buik en de benen bijna geen bloed. De lever en de nieren kunnen daardoor niet goed werken. De stofwisseling functioneert niet meer, afvalstoffen worden niet verwijderd uit het bloed en uw kind raakt als het ware vergiftigd. Uw kind wordt steeds zieker, gaat bleek of grauw zien, ademt snel en drinkt niet goed. Dit verloopt vaak heel snel. 

Verschijnselen bij jonge kinderen

Deze vorm van coarctatie (type 2) geeft vaak weinig klachten. De klachten hebben te maken met de te hoge bloeddruk in het hoofd of de te lage bloeddruk in het onderste deel van het lichaam: hoofdpijn die vooral na inspanning kan optreden. Ook kan het leiden tot pijn of een moe gevoel in de benen na inspanning.

Deze verschijnselen kunnen een reden zijn om u door te verwijzen naar de kinderarts en uiteindelijk naar de kindercardioloog. Door de bloeddruk aan de armen en de benen te vergelijken, kunnen we een coarctatie aantonen.

Onderzoek en diagnose

We kunnen vaststellen of uw kind een coarctatio aortae heeft met een:

Bij jongvolwassen patiënten is de afwijking vaak al zichtbaar op een 'gewone' röntgenfoto van de hart en longen.

Behandeling coarctatio aortae

De behandeling van de coarctatio aortae verschilt per type coarctatie. 

  1. Coarctatie type I (ductusafhankelijk)

De eerste behandeling bij een coarctatie type I (ductusafhankelijk) is erop gericht om de ductus open te houden of weer open te krijgen. Wanneer de ductus weer met een medicijn is geopend kan uw kind bijkomen van zijn ziekteverschijnselen. Vooral de darmen en de nieren hebben tijd nodig om weer goed te gaan werken. Na deze stabilisatieperiode volgt een operatie.

2. Coartctatie type 2 (niet-ductusafhankelijk)

Bij de coarctatie type 2, hebben we twee mogelijkheden voor behandeling:

  • een operatie
  • een ballondilatatie (dotterprocedure)

Bij pasgeborenen en zuigelingen in het eerste levensjaar kiezen we altijd voor een operatie. Bij kinderen die ouder zijn dan een jaar doen we steeds vaker een ballondilatatie. Bij kinderen die ouder zijn dan tien jaar is een ballondilatatie meestal de eerste keuze.

Vooruitzichten

De overlevingskans bij een coarctatio aortae is zeer goed. De toekomst van kinderen die zijn geboren met een coarctatio aortae en hiervoor zijn behandeld ziet er meestal goed uit.

Een klein deel van de kinderen kampt nog met een hoge bloeddruk en moet hier medicijnen voor slikken. Sommige kinderen moeten nog weer een keer worden behandeld als de coarctatie terugkomt.

Meer informatie

Als uw kind voor onderzoek of behandeling naar het Centrum voor Aangeboren Hartafwijkingen komt, krijgt u van ons een map met informatie. Een overzicht van deze informatie vindt u op de  pagina:

Hebt u vragen?

Hebt u vragen of wilt u een afspraak maken? Dan kunt u contact opnemen met de polikliniek kindercardiologie/hartchirurgie

088 75 547 00
Maandag tot en met vrijdag van 8.30 tot 16.30