Terug

Klompvoet (behandeling)

Wij starten zeven tot 10 dagen na de geboorte met de behandeling. Een latere start van de behandeling heeft niet de voorkeur, maar is wel mogelijk zonder direct negatieve gevolgen voor het eindresultaat.

Meer informatie

Bij het eerste bezoek stelt de kinderorthopeed met het lichamelijk onderzoek de definitieve diagnose. Hierbij maakt hij gebruik van twee zogenoemde classificatiesystemen, die iets zeggen over de ernst van de klompvoet. Met deze kennis kan aan u als ouder een betere inschatting gegeven worden over het resultaat dat u van de behandeling mag verwachten.

Wat de ernst van de klompvoet ook mag zijn, er zal altijd gestart worden met de behandeling in de vorm van vier stappen, namelijk: 

  • Corrigeren van de voetstand met gipsverband.
  • Doornemen van de achillespees.
  • De voet-abductie brace.
  • Dragen van de brace tot het vierde levensjaar.

In Nederland bestaat een actieve oudervereniging: www.klompvoet.nl. Deze vereniging:

  • geeft informatie;
  • maakt contact tussen ouders mogelijk;
  • behartigt de belangen van ouders en kinderen met een klompvoet.

Tijdens de behandeling

De behandeling van een klompvoet verloopt volgens de Ponseti-methode. Deze methode is vernoemd naar de Spaanse dokter die deze methode ontwikkelde: Ignacio Ponseti (1914-2009). De Ponseti-behandeling bestaat uit:

Corrigeren van de voetstand met gipsverband

De (kinder)orthopedisch chirurg of de gipsverbandmeester verandert de positie van de voet steeds een heel klein beetje (als uw kind twee klompvoeten heeft, worden ze tegelijkertijd behandeld). Een gipsverband vanaf de teen tot aan de lies zorgt ervoor dat botten, spieren, pezen en banden zich naar de nieuwe positie vormen. Het gipsverband is gemaakt van wit kalkgips, niet van kunststof. Elke week krijgt uw kind in het ziekenhuis een nieuw gipsverband, waarbij het onderbeen en de voet steeds meer in de gewenste positie komen. Tijdens elke wissel is er de gelegenheid uw kind in bad te doen en te wegen.

Meestal zijn vijf of zes van deze opvolgende gipscorrecties voldoende, soms zijn er meer nodig.

Het doornemen van de achillespees

Het laatste gipsverband blijft drie weken om het been. Voordat dit verband is aangebracht, maakt de (kinder)orthopedisch chirurg onder plaatselijke verdoving een sneetje in de achillespees. Dat is de pees aan de achterzijde van de hiel. Deze pees verbindt de kuitspieren met de hiel. De achillespees is bij de klompvoet te kort en niet voldoende rekbaar. Hierdoor houdt de pees de gewenste verandering tegen. Als de arts de achillespees doorsnijdt (tenotomie), krijgt de voet de ruimte om in de juiste stand van minimaal negentig graden te groeien. De achillespees herstelt zich volledig in de weken dat het been is gegipst en voegt zich naar de nieuwe situatie. Het hielbeen krijgt dan in de loop van de tijd de gelegenheid volledig in te dalen. Achter op de hiel van uw kind blijft een klein streepje als litteken zichtbaar.

Op de dag van de tenotomie zal, zoals gebruikelijk, het gips verwijderd worden, wordt de maat van de voeten opgemeten voor de voet-abductie brace, en is er de gelegenheid uw kind in bad te doen en te wegen. Aan de hand van het gewicht van u kind krijgt u van ons een paracetamol zetpil die u uw kind mag geven. Op de hak wordt een pleister met verdovende zalf geplaatst. Zowel de paracetamol als de verdovende zalf hebben ongeveer anderhalf uur nodig om volledig in te werken. In deze tijd bent u in de gelegenheid om buiten een rondje te lopen, iets te eten in het restaurant of te verblijven in de Ronald McDonald huiskamer. Na deze tijdsperiode treffen we elkaar op de gipskamer en zal de kinderorthopeed de ingreep uitvoeren. Voor de hooguit tien minuten durende ingreep kunt u wachten in de wachtruimte. Op het moment van het plaatsen van het gips wordt u geroepen en bent u weer bij u kind.

De voet-abductie brace

Na dit laatste gipsverband krijgt uw kind een voet-abductie brace, of de Mitchellbrace, die de voeten in de juiste positie houdt (zie figuur 1). Beide voeten zitten met schoentjes vast op een beugel. Dit is ook het geval als uw kind maar één klompvoet heeft. De eerste drie maanden draagt uw kind deze brace dag en nacht. Daarna alleen nog tijdens het slapen ‘s nachts en overdag (ongeveer veertien uur per etmaal). Deze brace wordt gedragen tot de vierde verjaardag. Als de schoenen te klein worden, kunt u contact opnemen met de gipskamer. We maken dan een afspraak om de functie van de voeten te controleren en een grotere maat schoenen te bestellen, die u vervolgens weer thuisgestuurd krijgt.

Figuur 1 voet-abductie brace

Dragen van de brace tot het vierde levensjaar

Na de vierde verjaardag van uw kind is de behandeling klaar. De (kinder)orthopedisch chirurg maakt afspraken met u voor nacontroles. Deze controles vinden jaarlijks plaats tot uw kind is uitgegroeid; meestal is dat bij een leeftijd van zeventien of acttien jaar. Wanneer u vragen heeft of merkt dat de situatie bij uw kind verandert, is de behandelend (kinder)orthopedisch chirurg uw aanspreekpunt.

Aandachtspunten voor het gips

  • Het gips loopt van de tenen tot hoog in de lies, waarbij de knie negentig graden gebogen is. Dit doen we om te voorkomen dat uw kind het gips uitschopt en om te zorgen dat de voet naar buiten blijft staan.
  • Het volledig drogen van het gips duurt vierentwintig uur. Het is prettig om het broekje regelmatig te wisselen in die periode aangezien deze vochtig wordt. In de wintermaanden zou u eventueel een kruik bij uw kind kunnen leggen om afkoelen te voorkomen.
  • Om stuwing te voorkomen, is het belangrijk dat de beentjes goed ondersteund worden bij rugligging. Dit kunt u doen door een handdoekje onder de beentjes te leggen. De voeten liggen dan iets hoger dan de knieën en de heupen recht onder de knieën.
  • Ligt uw kind op de zij, dan is het raadzaam om een handdoek tussen de benen leggen.
  • Om de bloedsomloop te controleren kunt u op de tenen drukken, waardoor deze wit worden. Wanneer ze weer snel roze worden na het loslaten, is de bloedvoorziening in orde. Mocht dit te lang duren, dan kunt u contact opnemen met de gipskamer.

Aandachtspunten voor de brace

  • Het is voor uw kind prettig om gladde dunne sokjes te dragen in de schoenen.
  • Zorg dat de hak goed achter in de schoen zit. Het riempje over de enkel moet goed stevig zitten, waardoor de hak goed op z’n plek blijft. Via het hielgat in de schoen kunt u controleren of de hak goed zit. De andere twee riempjes moeten aansluitend vast zitten.
  • Controleer de voeten regelmatig op roodheid en drukplekken.
  • Als de schoenen te klein worden, neemt u contact op met de gipskamer. We meten dan opnieuw de maat op om nieuwe schoenen voor uw kind te bestellen.
  • Als de tenen in het gips ‘terugkruipen’, staat de voet niet meer in de juiste stand. Het gips wordt uitgeschopt. Neem dan contact op met de gipskamer.
  • Houd het gips schoon en droog. Dit kan betekenen dat u iets vaker de luier moet verschonen. Let er ook goed op dat de luier boven de gipsrand sluit om de beentjes.

Wilt u meer informatie over de voet-abductie brace? Vraag dan naar onze folder. 

Contact

Hebt u een vraag? Neem dan contact op met de gipskamer. De gipskamer is telefonisch bereikbaar via 088 75 548 87. Voor het maken van een afspraak hebt u een verwijzing nodig van de huisarts of de specialist.  

Neem contact op met de gipskamer als:

  • uw kind het gips uitschopt (tenen kruipen terug in het gips);
  • uw kind aanhoudende stuwingsproblemen of (blauw)verkleuring van de tenen zichtbaar is;
  • uw kind pijn aangeeft zonder aanwijsbare oorzaak;
  • de schoenen van de brace niet meer passen;
  • u andere vragen of problemen hebt.

Bij problemen mag het gips altijd verwijderd worden op een gipskamer of bij de Spoedeisende Hulp. Buiten kantoortijden en in het weekend kunt u contact opnemen met de Spoedeisende Hulp via 088 75 666 66 en vraagt u naar de dienstdoende assistent orthopedie. 

Polikliniek

Verpleegafdeling

Ziekte