Wiep
Wiep is geboren in 2013 na een zwangerschap van 35 weken. Ze was weliswaar vroeg, maar kerngezond. Het ging goed met Wiep, totdat het met een leeftijd van vijf weken mis ging. Ze kreeg een snotneus, het drinken ging moeilijker en uiteindelijk werd Wiep na een bezoek aan de huisarts doorgestuurd naar het ziekenhuis. Daar werd de diagnose RSV-infectie gesteld.
‘Via een neusbrilletje kreeg Wiep zuurstof, maar ze raakte steeds meer vermoeid en haar ademhaling werd steeds zwaarder. Ze raakte uitgeput en haar ademhaling moest kunstmatig worden overgenomen. Ze werd in slaap gebracht, kreeg een beademingsbuis en werd naar de Intensive Care van het Wilhelmina Kinderziekenhuis gebracht.’
Aan de beademing
‘Toen we in het WKZ aankwamen lag onze baby van vijf pond in een groot bed, vast aan een beademingsbuis, allerlei infusen en monitordraden. Dat was voor ons als ouder echt heel onwerkelijk. De eerste dagen gingen de longen van Wiep verder achteruit en moest ze met hoge beademingsdrukken worden beademd. Maar na enkele dagen van intensieve zorg knapte ze op. Na zeven dagen werd de beademingsbuis verwijderd en kon ze terug naar het ziekenhuis bij ons in de buurt om nog een weekje te herstellen. Achteraf gezien hebben we de hele periode als in een roes beleefd. De gebeurtenissen hebben ons overspoeld, waardoor niet alles direct goed te bevatten was.’
Hoe gaat het nu?
‘De ziekenhuisopname was weliswaar ten einde, maar na thuiskomst was de situatie niet meer zoals die was. Wij waren angstig geworden en vreesden op een ochtend onze dochter dood in bed aan te treffen. Wiep was ook niet meer hetzelfde meisje. Ze bleef lange tijd erg onrustig: ze huilde uren per dag en sliep slecht. Met de hulp van een osteopaat hebben we ontspanning bij haar kunnen brengen. Die behandeling is pas afgesloten toen Wiep bijna twee jaar was. Gelukkig is de rust teruggekomen in ons gezin, maar de RS-infectie heeft ons twee jaar lang uit balans gebracht.’