Een luchtweginfectie met het respiratoir syncytieel virus (RSV) is een van de voornaamste oorzaken van ziekenhuisopname bij jonge kinderen. Vaccinatie tegen dit virus van zwangere vrouwen lijkt een goede strategie om levensbedreigende RSV-infecties bij zuigelingen direct na de geboorte tot enkele maanden daarna te voorkomen. Dit concludeert Nienke Scheltema in haar onderzoek waarop zij op 30 augustus in Utrecht is gepromoveerd.

RSV-infectie veroorzaakt niet alleen verkoudheid bij jonge kinderen, maar ook longontsteking met ademhalingsmoeilijkheden en piepende ademhaling tot gevolg. RSV-infecties leiden jaarlijks wereldwijd tot een longontsteking bij ruim 30 miljoen jonge kinderen. Naar schatting overlijden jaarlijks 50.000 tot 75.000 kinderen jonger dan 5 jaar aan een RSV-infectie, voornamelijk in ontwikkelingslanden. Er is geen specifieke behandeling voor RSV-infectie en artsen richten zich voornamelijk op symptoomverlichting.
 
Kwetsbare kinderen
Tot voor kort waren de factoren die samenhangen met overlijden door een RSV-infectie niet goed in kaart gebracht. Arts-onderzoeker Nienke Scheltema analyseerde de gegevens van 358 kinderen uit 23 landen die tussen 1995 en 2015 aan een RSV-infectie zijn overleden. De meeste kinderen met RSV-gerelateerde sterfte bleken jonger dan zes maanden te zijn op het moment van overlijden. Daarnaast bleek dat tenminste 28 procent van de overleden kinderen onderliggende aandoeningen hadden, zoals een aangeboren hartziekte of vroeggeboorte. Deze kwetsbare kinderen hadden ook na de leeftijd van zes maanden nog een verhoogd risico op een levensbedreigende RSV-infectie.
 
Implicaties voor vaccinontwikkeling
Volgens Nienke Scheltema zijn haar bevindingen belangrijk voor de ontwikkeling van een vaccin tegen RSV: “Dit suggereert dat een maternaal vaccin een groot deel van de levensbedreigende RSV-infecties kan voorkomen. Een maternaal vaccin werkt echter tijdelijk, omdat het antistoffenniveau en dus de beschermende werking snel afnemen na de geboorte. We denken dan ook dat kwetsbare baby’s (met vroeggeboorte of onderliggend lijden) direct na de geboorte extra bescherming nodig hebben tegen RSV, zoals passieve immunisatie met beschermende antistoffen. Vervolgens kan een kindervaccin de bescherming tegen het virus overnemen.” Dit werd bevestigd in een analyse met behulp van een wiskundig model. Hieruit bleek dat een maternaal vaccin de sterfte door RSV-infectie met 29-84 procent kan terugbrengen. Echter, het model liet ook zien dat baby’s die te vroeg worden geboren of een aangeboren hartafwijking hebben, minder zullen profiteren van zo’n vaccin dan gezonde baby’s.
 
Geen relatie met astma
Tenslotte onderzocht Scheltema de veronderstelde relatie tussen RSV-infectie en het optreden van astma op latere leeftijd. In een gerandomiseerd onderzoek ontvingen 395 prematuur geboren, maar verder gezonde kinderen, een beschermende antistof (palivizumab) of een placebo. De 395 kinderen werden vervolgens tot aan hun zesde levensjaar gevolgd. De antistof beschermde inderdaad tegen de gevolgen van een RSV-infectie en ouders rapporteerden in het eerste levensjaar ook minder piepende ademhalingsklachten. Echter, op basis van objectieve criteria gaf de preventie van RSV-infectie vroeg in het leven geen vermindering in gebruik van astmamedicatie of vermindering van gerapporteerde astma door de huisarts op zesjarige leeftijd. Daarnaast had preventie van RSV-infectie geen effect op de longfunctie op de leeftijd van zes. Hiermee liet dit onderzoek zien dat in gezonde, te vroeg geboren kinderen het onwaarschijnlijk is dat RSV-infectie een klinisch relevante, oorzakelijke rol speelt in de ontwikkeling van astma.
 
Promotie
Nienke Scheltema (Amsterdam, 1986) promoveert op 30 augustus 2018 aan de Universiteit Utrecht op het proefschrift “Respiratory syncytial virus-related disease burden in young children”. Promotoren zijn prof. dr. L.J. Bont (kinderinfectioloog-immunoloog, UMC Utrecht) en prof. dr. C.K. van der Ent (kinderlongarts, UMC Utrecht). Nienke Scheltema start in september 2018 met haar opleiding tot huisarts in het UMC Utrecht.

Over de RSV GOLD database
De gegevens voor deze studie werden verzameld in de RSV Global OnLine death Database (GOLD), opgezet door het UMC Utrecht. In RSV GOLD zijn wereldwijd gegevens verzameld en geanalyseerd van kinderen jonger dan 5 jaar, die zijn overleden aan luchtweginfecties door RSV. Hiermee worden de belangrijkste risicofactoren voor kindersterftesterfte door RSV geïdentificeerd. Artsen kijken hierbij vooral naar de invloed van zwangerschapsduur, onderliggend lijden, voedingstoestand en de leeftijd op het moment van overlijden. Voor meer informatie, ga naar www.hetwkz.nl/en/Research/Research-themes/RSV-Gold