Onderzoeker Maremka Zwinkels pleit voor meer mogelijkheden voor jongeren met een fysieke beperking om in hun vrije tijd in de buurt te kunnen sporten. Ze roept sportverenigingen op om dit mogelijk te maken. Zwinkels promoveert vandaag op haar onderzoek naar het effect van sport bij deze groep jongeren. De conditie gaat vooruit als ze minimaal één keer per week sporten.

Jongeren met een fysieke beperking zijn minder actief in het dagelijks leven. Maar 26% van deze jongeren sport wekelijks tegenover 71% van hun leeftijdsgenoten. Hierdoor hebben ze een lagere fitheid met mogelijk op latere leeftijd een grotere kans op het krijgen van diabetes/overgewicht, hoge bloeddruk en een beroerte. Een goede fitheid wordt ook in verband gebracht met positieve waardes op zelfreflectie, kwaliteit van leven en een beter concentratievermogen op school.

Verbetering conditie
Zwinkels onderzocht of 1 x per week 45 minuten (na)schoolse sport voldoende is voor verbetering van de conditie. De onderzochte groep jongeren bestond uit 36 renners, 25 lopers en 9 rolstoelrijders die met name sporten deden als voetbal, (rolstoel)basketbal en (rolstoel)hockey. Na 6 maanden 1 x per week (na)schools sporten presteerde de sportgroep gemiddeld 16% beter op sprintconditie. Het lijkt erop dat vooral de jongeren die aan het begin van het sportprogramma een hoog vetpercentage hebben en bijvoorbeeld een hoge bloeddruk profijt hebben van 1 x per week sporten.

Sporten in de buurt
De (na)schoolse sport is ontstaan vanuit speciaal onderwijs doordat jongeren met een fysieke beperking niet altijd terecht kunnen bij een sportvereniging. Zwinkels: “Voor de toekomst zou de samenleving haar verantwoordelijkheid moeten nemen, zodat deze jongeren in hun vrije tijd in de buurt kunnen sporten. Op deze manier kunnen ze ook in het weekend sporten (2 x per week), komen ze in contact met jongeren uit de buurt en worden ze meer betrokken in de samenleving.’’ Bij SV Kampong Hockey in Utrecht hebben ze veel ervaring met sportmogelijkheden voor jongeren met een beperking. Marit Dhondt is voorzitter van Kampong Rolstoelhockey. Dhondt: ‘Al jaren zie ik hoe deze jongeren zich door het sporten ontwikkelen. Door hun betere conditie verandert hun hele leven; ze kunnen bijvoorbeeld weer uitgaan en doen door het sporten vriendschappen op. Het vraagt natuurlijk wel investeringen van de sportverenigingen, in voorzieningen zoals bijvoorbeeld sportrolstoelen maar ook in aangepaste tijden. Want jongeren met een fysieke beperking kunnen vaak niet ’s morgens vroeg of laat op de avond sporten. Ook zie ik dat nog veel ouders en jongeren de weg naar ons of een andere vereniging gewoonweg niet weten te vinden.’

Maremka Zwinkels is onderzoeker bij het Kenniscentrum Revalidatiegeneeskunde Utrecht. Het onderzoek is uitgevoerd in samenwerking met het Kinderbeweegcentrum in het Wilhelmina Kinderziekenhuis.